Opslag en handling van smeermiddelen

Het juiste smeermiddel kiezen voor een specifieke toepassing is niet de enige factor in een succesvol smeerbeleid. Ook de opslag en handling van smeermiddelen is van cruciaal belang om uiteindelijk het gewenste effect te realiseren: een storingsvrij draaien van de machine, een lange levensduur en energiebesparing. Onderstaand de belangrijkste do’s en  dont's.

Opslag
Smeermiddelen zijn te beschouwen als het bloed van de machines en equipment en dienen daarom te worden behandeld als sleutelelementen bi¡ onderhoud. Dit begint al in de opslagruimte, die schoon, droog en vorstvrij moet zijn en uitsluitend bestemd is voor de opslag van smeermiddelen. Dit betekent dus dat hier geen andere chemicaliën, reinigingsmiddelen of verf mogen worden opgeslagen en dat de ruimte niet tevens de functie van een werkplaats mag vervullen. Daarbij is het gewenst dat de temperatuur min of meer constant is om het 'ademen' van producten te voorkomen.

Opslagvoorziening
Omdat smeermiddelen in sommige gevallen brandbaar zijn en in bijna alle gevallen niet zomaar in het milieu mogen terechtkomen, moeten ze zorgvuldig worden opgeslagen. Door het toepassen van lekbakken of een vloeistofdichte vloer wordt onder meer voorkomen dat de producten in de bodem terechtkomen. Verder moet de opslagvoorziening  zodanig zijn geconstrueerd dat gelekte of gemorste producten niet uit de voorziening kunnen stromen. Ze moet dus voldoende bestand zijn tegen de opgeslagen gevaarlijke stoffen en er mogen geen openingen aanwezig zijn die rechtstreeks in verbinding staan met de riolering. De opvangcapaciteit van de voorzieningen moet gelijk zijn aan de inhoud van de grootste verpakking + l0% van de inhoud van de overige verpakkingen.

Verpakking
De smeermiddelen zelf dienen het liefst in de originele en goed gesloten verpakking te worden opgeslagen om ze zo goed mogelijk te beschermen tegen externe invloeden. Deze verpakkingen moeten voorzien zijn van een volledige identificatie (etiket) om vergissingen te voorkomen én om de noodzakelijke hygiënische en veiligheidsmaatregelen te kunnen treffen.De dichting van de verpakking is van belang om vervuiling van het smeermiddel te voorkomen; een factor die een rol speelt gedurende het hele handlingproces van de smeermiddelen. Bij vaten is daarbij in acht te nemen dat de openingen in het deksel horizontool gepositioneerd zijn in plaats van verticaal wanneer de vaten in liggende toestand worden bewaard. Wanneer de vaten in staande positie zijn opgeslagen, moet worden voorkomen dat vocht zich kan verzamelen op de deksels. Wanneer de dichting niet meer goed afsluit, bijvoorbeeld door het versterven ervan, kan het water immers in de olie terechtkomen. Eventueel vocht in nieuwe olie is te voorkomen door gebruik te maken van silicagel gevulde beluchters.

Verwisseling en kruisbestuiving
Door smeermiddelen op de juiste manier op te slaan, vermindert de verantwoordelijke bovendien de kans op ongewenste verwisselingen en eventuele 'kruisbestuiving'. Zo is het bijvoorbeeld aan te raden om nieuwe en afgewerkte smeermiddelen gescheiden op te slaan en hetzelfde geldt voor normale smeermiddelen en varianten die geschikt  zijn voor de voedingsmiddelenindustrie. Een methode die verwisseling én kruisbestuiving voorkomt en die inmiddels bij veel bedrijven wordt toegepast, is het gebruik van kleurcoderingen. Hierbij wordt een specifiek smeermiddel voorzien van een bepaalde kleur die vervolgens terugkomt in de apparatuur die voor dit smeermiddel wordt gebruikt (pompen), maar ook in de transportmiddelen zoals slangen, kannen en spuiten. Ook de locaties in de fabriek, waar het smeermiddel wordt gebruikt, zijn op deze manier gecodeerd. Deze manier van aanduiden ondersteunt bedrijven ook bij GMP- , HACCP of BRC-audits.

Veiligheidsbladen
Tot slot dienen in de opslagruimte de nieuwste MSDS-bladen (veiligheidsbladen) beschikbaar en direct voorhanden te zijn in het geval van calamiteiten. Ook een voorraad- en bestellijst en een smeerschema van de fabriek kunnen bijdragen aan een efficiënt smeerbeheer. Bovendien geldt ook bij smeermiddelen de 'good housekeeper' regel: werk netjes en ruim eventueel gemorst product direct op de juiste manier op (door onder meer de gebruikte doek of papier op de juiste wijze af te voeren).

Van magazijn naar machine
Het wegnemen van smeermiddel uit de opslagruimte met het doel om het vervolgens te gebruiken voor het smeren van equipment is een bron van mogelijke fouten. Belangrijk is in de eerste plaats het controleren van de houdbaarheidsdatum van het product. Smeermiddelen zijn niet eeuwig houdbaar en in dat kader is het ook aan te raden om het first in - first out principe te hanteren Verder is het van belang - wanneer het om olie gaat - om het product via een filter uit het vat te nemen. Nieuwe olie is namelijk niet per definitie schoon; integendeel. Daarbij is het bij het aanbreken van een nieuwe voorraad smeermiddelen aan te raden om een nulmeting (lSO4406) te doen en deze te laten analyseren. Dit is belangrijk om bij latere analyses van de olie uit de machine te kunnen refereren aan deze nulmeting. In alle gevallen dienen de vaten en bidons zoveel mogelijk gesloten te blijven. Na het overhevelen van het juiste smeermiddel (controleren) in een schone kan of onder transportmiddel is het aan te raden deze kan eveneens zoveel mogelijk gesloten te houden. Na het  vullen van de kan is het belangrijk dat de technisch medewerker zijn spullen weer netjes opruimt en de ruimte afsluit wanneer hij deze verlaat.

Smeren aan de machine
Het gebruik  van smeermiddelen aan de machine is beschreven in het smeerplan dat in veel gevallen wordt ontwikkeld met behulp van speciale software. Een goed en actueel smeerplan is dynamisch en voorziet in alle smeerpunten, smeerfrequenties, smeerhoeveelheden en toe te passen smeermiddelen. Bovendien geeft het aan wie verantwoordelijk is voor de verschillende activiteiten. Met dynamisch wordt bedoeld dat de verantwoordelijke het smeerplan steeds aanpast op basis van ervaringen die worden opgedaan tijdens  het toepassen en functioneren van de applicatie.

Vetten
De handling van het smeermiddel tijdens gebruik is afhankelijk van het type smering en smeermiddel. Vetten worden meestal aangebracht met een vetspuit of vetpomp.  Hierbij kunnen de vetten vanuit een cartridge/patroon of met bulk gevuld zijn. Cartridges zijn een goede oplossing omdat deze de vetten beter zuiver houden; de lege verpakking is achteraf weg te gooien. Bij de applicatie op de machine via een vetnippel is zuiver houden van zowel de vetspuit als de machinenippel belangrijk. Best practice is om een controlesysteem te gebruiken van in de vorm van bijvoorbeeld een digitale vetmeter die de juiste hoeveelheid vet aangeeft of (nog liever) ultrasone smeerapparatuur. De laatste mogelijkheid is bij uitstek geschikt om te horen hoeveel smeermiddel moet worden toegevoegd. Voor het smeren is het verstandig eerst de smeernippels te reinigen, daarna het vet toe te dienen en de zijkanten van de lagers schoon te maken wanneer daar vet uitkomt. Een visuele controle van overtollig vet is ook altijd aan te raden.

Olie
In functie van de te verwerken hoeveelheden olie zijn diverse methodes toe te passen. Zijn er tijdens oliewissels verschillende (tientallen) liters olie nodig, dan is het de meest praktische oplossing een vaste afleverinstallatie te gebruiken (slanghaspel aangesloten op een bulktank) of gebruik te maken van mobiele afleverinstallaties voor 60 of 200 liter drums; voorzien van een pneumatische of elektrische pomp en uiteraard voorzien van de juiste identificatie en kleurcodes. Bij kleinere hoeveelheden is ook gebruik te maken van afsluitbare, corrosievaste, zuivere, kleurgecodeerde, van graduatie voorziene en transparante transferkannen. Daarbij dienen de kannen gekozen te zijn in functie van de specifieke toepassing. Zo gebruikt men voor laag visceuze hydraulische oliën in kleine hoeveelheden best kleine kannen met een kleine opening, terwijl het bijvullen met tandwielkastolie vraagt om een 10 liter kan met een grote schenktuit. Vochtgevoelige smeermiddelen zijn best in een closed loop circuit aan te brengen in de machine: via snelkoppelingen en een pomp blijven de smeermiddelen dan volledig afgeschermd van de buitenomgeving. Ook hier geldt dat voorafgaand aan het bijvullen de vulopening en directe omgeving schoon moeten zijn.

ARBO
Bij het gebruik van smeermiddelen moet de smeerspecialist zo veilig en schoon mogelijk werken en daarbij eventueel gebruikmaken van beschikbare BPM’s. Om veilig te kunnen werken, moeten draaiende en bewegende delen eerst worden stilgezet. De machines moeten ook voldoende zijn afgekoeld voordat de werkzaamheden worden uitgevoerd. De directe omgeving moet bovendien vrij zijn van open vuur (denk hierbij aan laswerkzaamheden).

MEDEWERKERS
Naast het op de juiste wijze toepassen van het juiste smeermiddel, is de efficiëntie en effectiviteit van het smeren vooral een zaak van mensen. Het is daarom van belang de onderhoudsmedewerkers die zich bezighouden met smeren en smeermiddelen voldoende op te leiden. Vooral het belang van het juiste smeermiddel, de reinheid van een smeermiddel en het smeerplan verhogen het inzicht, de interesse en de bereidheid om het smeertechnisch onderhoud op de juiste wijze uit te voeren. Dit geldt ook voor operators die in het kader van autonoom onderhoud (TPM concept) verantwoordelijk worden gesteld voor het smeren. In veel gevallen zullen bedrijven echter zelf het initiatief en de verantwoordelijkheid moeten nemen omdat er op de reguliere technische opleidingen (te) weinig aandacht is voor deze materie. Een bedrijf is bovendien verplicht de medewerkers te instrueren hoe zij moeten omgaan met de opslag van smeermiddelen en erop toe te zien dat dit ook gebeurt. Daarbij is het tevens belangrijk iemand in de organisatie verantwoordelijk te maken voor zowel het smeermiddelen management als de bijbehorende opslagruimte. Of dit nu hoofd TD is, een smeermiddelenspecialist of een externe partij. In alle gevallen moet deze verantwoordelijke het belang van goed smeertechnisch onderhoud onderschrijven en uitdragen naar zijn medewerkers. De genomen moeite zal zich uiteindelijk vertalen in een hogere machinebeschikbaarheid, een lager energieverbruik en een grotere output van productie-installaties.

 

Bron: TIM, auteur: ing. Marjolein de Wit - Blok

Altijd op de hoogte blijven? Meld je aan voor onze nieuwsbrief...